
De Brug
Een voorziening van en voor jongeren
De (hang)jongeren in het Groene Dorp zijn de laatste jaren vaak onderwerp van gesprek geweest. Ze zouden de sfeer in de buurt verzieken. Buurtbewoners klaagden over overlast. Ze voelden zich bedreigd en de jongeren zouden er een troep van maken. Er is hierover veel gezegd.
In dit boekje leest u ook de andere kant van het verhaal, de kant van de jongeren. Hoe ze met vallen en opstaan samen met andere partijen gekomen zijn tot een voor iedereen bevredigende oplossing: de jongerenkeet. Ze laten zien dat ze goed in staat zijn de verantwoordelijkheid te nemen voor hùn voorziening, De Brug. De rust in het Groene Dorp is weergekeerd. Daar hebben de jongeren zelf een grote bijdrage aan geleverd.
Sieb Martinus mei 2004
Jongerenwerker
Stichting Welzijn

Driemaal is scheepsrecht
Om het probleem van de hangjongeren in het Groene Dorp op te lossen is tot drie maal toe een poging gedaan de jongeren uit de buurt te halen door ze een eigen plek onder de Albert Schweitzerbrug te geven. Twee keer loopt het op niets uit, de derde keer is het een succes.
Al in 1997 is er in het Groene Dorp sprake van een conflict tussen de buurtbewoners en een groep jongeren die in carports op de Kleiwerf bij elkaar komen. Het conflict escaleert zodanig dat de politie tussenbeide moet komen. Om het jongerenprobleem op te lossen, plaatst de gemeente een zeecontainer bij de Albert Schweitzerbrug als alternatieve hangplek. Dit is geen succes. Een jongerenwerker van Stichting Welzijn wordt gevraagd de situatie rond de container te evalueren. Het blijkt dat de jongens de container niet zien zitten omdat hij hun opgedrongen zou zijn. Hij is aan één kant open, zodat de wind er vrij spel heeft. Het is er niet bepaald gezellig. De jongeren zitten liever op het grasveldje aan de Kortenaerstraat. De (negatieve) publiciteit bij de ingebruikname van de container versterkt hun mening nog eens.

Wanneer de jongerenwerker, wethouder, wijkagent en wijkbeheer de jongeren uitnodigen om te overleggen wat er met de container moet gebeuren, komt er slechts één jongere. Daarop wordt besloten de container weg te halen. Dat gebeurt in augustus 1998.
Al met al blijft de sfeer in de wijk zorgelijk. De jongeren vinden dat de buurtbewoners niet moeten zeuren. Zij komen uit de buurt en zij zorgen ervoor dat er geen andere jongeren in de buurt komen die de sfeer gaan bepalen. Ze verwijten met name de bewonerscommissie stemmingmakerij. De stemming is strijdlustig: ze laten zich niet nog een keer wegjagen met knuppels, zoals eerder gebeurde. Ze hebben geen behoefte aan een gesprek met de gemeente of wie dan ook. Ze zijn verbolgen over de in hun ogen vervelende artikelen in de pers over henzelf en over de wijk.
In 2000 besluit het College van Burgemeester en Wethouders een projectgroep voor het Groene Dorp in te stellen om de problemen in de wijk aan te pakken. In de projectgroep zitten vertegenwoordigers van wonenCentraal, Politie Hollands Midden, Ambulant Jongerenwerk, de bewonerscommissie Groene Dorp en de gemeente. Nadat een aantal initiatieven op niets uitlopen, zet de gemeente een schaftunit op de plek waar eerder de zeecontainer stond. De schaftunit is dicht, heeft een toilet, maar is klein (2.60 bij 6.50 meter). De schaftunit is niet aangesloten op het lichtnet en heeft geen water aansluiting. Hij zal er slechts enkele weken staan. De projectgroep heeft een inschattingsfout gemaakt wat betreft het aantal jongeren dat er gebruik van zal maken. Dit zijn er niet tien tot vijftien, maar zo’n veertig tot vijftig. Dit komt omdat een nieuwe, jongere groep aansluiting heeft gevonden bij de oudere groep jongeren. De jongeren zijn daarom niet bereid een overeenkomst voor gebruiksregels te tekenen.

Nog steeds is er geen oplossing voor het probleem. Na nieuwe klachten uit de buurt heeft burgemeester Nico Schoof een gesprek met de groep. Hij sluit met hen een ‘herenakkoord’: als de jongeren laten zien dat ze in de wijk aanwezig kunnen zijn zonder overlast te veroorzaken en zelf met een adequate oplossing komen, zal de burgemeester zijn uiterste best doen deze oplossing uit te laten voeren. Omdat de jongeren in de zomer vaak op het grasveld aan de Kortenaerstraat zitten, zet de gemeente er in gezamenlijk overleg picknicktafels, bankjes en vuilnisbakken neer. De sfeer is prima: buurtbewoners en jongeren vinden elkaar. Samen voeren ze actie tegen de nieuwbouwplannen op deze locatie. Als duidelijk wordt dat de nieuwbouw toch wel doorgaat en het veldje aan de Kortenaerstraat verdwijnt, moeten de jongeren op zoek naar iets anders. Ze komen zelf met een oplossing: een herplaatsbare unit zoals die ook in het asielzoekerscentrum is gebruikt. Deze is groot genoeg en als de gemeente hem op het grasveld onder de brug zet, zullen ze hem zelf inrichten en gebruiksklaar maken. De burgemeester houdt zijn woord. Hij zorgt ervoor dat het idee uitgevoerd wordt. Het is dan ook aan de burgemeester en aan de vertegenwoordiger van de jongeren, Marcel Minnee, te danken dat het al zo lang bestaande conflict uiteindelijk een positieve wending krijgt. Geen woorden maar daden. Het is voor de jongeren geen onbekende uitdrukking, voor de gemeenteambtenaren blijkbaar ook niet.
En dan verder...
Met het plaatsen van de unit begint voor de jongeren een periode waarin ze kunnen laten zien wat ze waard zijn. Nog voordat de unit geplaatst kan worden, steken de jongeren de handen al uit de mouwen: er moet een harde ondergrond op het terrein worden aangebracht. De afdeling Wijkbeheer van de gemeente levert tegels en zand, de jongeren doen het werk. Als hij geplaatst wordt, is de unit alleen voorzien van een toilet en een keukenblokje. De nutsbedrijven plaatsen een gas-, water- en elektrameter en de deuren worden vervangen door inbraakwerende exemplaren.

De jongeren willen graag zoveel mogelijk alles zelf doen. Ze leggen zelf de ondergrondse leiding aan voor riool, watertoevoer, gas- en elektra vanuit de unit naar de weg. Ze hogen het terras op, plaatsen bankjes en picknicksets en snoeien de struikjes, zodat politie en brandweer vanaf de openbare weg makkelijk toegang hebben. Er komen vuilcontainerbakken, een fietsenstalling en een vuurkorf en tot slot sluiten de jongeren de sluiproute vanaf het fietspad af.

De inrichting
Na de aansluiting op licht en water, gaat de aandacht uit naar de inrichting, waarbij vooral gezocht wordt naar gratis spullen. Al snel staan er stoelen, tafels en een televisie, zijn er glazen en klinkt er muziek. Andere zaken, die ze niet gratis kunnen krijgen, betaalt de groep van de eerste contributie van de leden.
Ze bouwen zelf een bar (met hulp van een vader) en zetten de binnenkant van de unit opnieuw in de verf. Er komt een goede verlichting, verwarming, een geluidsinstallatie en een digitenne-aansluiting. Niet alleen binnen, maar ook de ruimte buiten nemen de jongeren onder handen. Ze zorgen voor een goede buitenverlichting en beplanting. De voorziening wordt steeds meer ‘eigen’.
Ondertussen bespreken ze hoe de organisatie eruit moet komen te zien. De vrijheid die ze krijgen met dit eigen plekje, een echte voorziening met veel mogelijkheden, betekent voor hen omgaan met verantwoordelijkheid en het maken van bewuste keuzes.

In die tijd is er heel wat gepraat. Door de jongeren, maar ook door de jongerenwerker. Hij houdt de kwaliteit in de gaten. Hij heeft contact met buurtbewoners, belangstellenden, ouders en vooral de groep zelf. Hier gebeurt iets bijzonders. Dit mag niet iets van korte duur zijn, het is een voorziening voor nu en de toekomst.
De Brug
Beheer en de verantwoordelijkheden
En dan is het klaar. Een jaar na plaatsing van de unit is het tijd voor een officiële opening. Iedereen mag zien wat de jongeren tot stand hebben gebracht. Op de plek staat inmiddels een wijkgerichte jongerenvoorziening voor jongens en meisjes vanaf 16 jaar uit het Rode Dorp, het Groene Dorp en de Zeeheldenbuurt. Hij krijgt de toepasselijke naam De Brug. Het is een voorziening voor en door jongeren, een echte organisatie met een bestuur en leden.

Het officiële beheer van de unit is in handen van Stichting Welzijn. Een week nadat de unit geplaatst is (op 14 mei 2003) tekenen de jongeren een gebruikersovereenkomst. Vier van hen krijgen een sleutel: twee uit de oudere groep en twee uit de jongere groep. Deze vier sleutelhouders zijn verantwoordelijk voor de voorziening. Ze vertegenwoordigen de groep naar buiten en zijn het aanspreekpunt. De jongeren worden ondersteund door een jongerenwerker van Stichting Welzijn. Hij heeft een adviserende taak en is ook (verreweg het oudste!) lid van De Brug. De wijkagent heeft een signalerende en adviserende functie. Hij heeft ook een sleutel en kan dus altijd naar binnen. Hij komt regelmatig langs.

Huisvergadering en Huisraad
De jongeren stelden een Huisraad in. Hierin zitten, naast de sleutelhouders die als voorzitter, secretaris en penningmeester optreden, de leden van de financiële commissie en vier leden uit de bezoekersgroep. De Huisraad heeft het algemene toezicht. Hier worden activiteiten gepland en georganiseerd. De Huisraad vergadert één maal per week volgens een vaste agenda.
Een van de taken van de Huisraad is het organiseren van Huisvergaderingen als er belangrijke beslissingen moeten worden genomen. Voor de Huisvergadering worden alle pasjeshouders
(zie volgende punt) uitgenodigd. Dit is dus het ‘hoogste orgaan’.
De jongerenwerker is bij de vergadering aanwezig, voorlopig nog als voorzitter.
Pasjessysteem
De jongeren maken gebruik van een pasjessysteem. De pasjeshouders zijn betalende bezoekers. Zij mogen deelnemen aan de Huisvergaderingen en dus meepraten over belangrijke beslissingen. Ze kunnen zich verkiesbaar stellen voor de Huisraad.
Registratie en uitgifte van de pasjes wordt zorgvuldig bijgehouden. Het is aan de Huisvergadering om te beslissen wie een pasje krijgt en wie niet. Daarbij wordt er rekening mee gehouden dat De Brug vooral voor jongeren uit de wijk is. Ook is het belangrijk dat de aanvrager binnen de groep past.

De pasjes zijn voorzien van een logo. Verder zijn ze genummerd en vermelden ze de naam (of bijnaam), geboortedatum en postcode van de houder. De overige gegevens van de houder (echte naam, adres, geboortegegevens en telefoonnummers) staan in de computer. Deze gegevens zijn alleen voor eigen gebruik en worden niet openbaar gemaakt.
Consumpties
Pasjeshouders kunnen consumptiebonnen kopen. Ze kunnen kiezen uit een bon van twintig of veertig bruggen. Een brug vertegenwoordigt 50 eurocent. Uitsluitend met deze bonnen kunnen consumpties aan de bar worden ‘gekocht’.
Introducés
Pasjeshouders mogen nieuwe mensen introduceren, maximaal twee per bezoek. Deze introducés betalen één euro per keer. Als iemand drie keer als introducé in De Brug is geweest, dan kan hij of zij een pasje aanvragen. De Huisvergadering beslist vervolgens of de persoon dit pasje krijgt.
Geldzaken
De Brug draait helemaal zonder subsidie. Voor water, gas en elektra betalen de jongeren aan Stichting Welzijn een voorschot van ongeveer € 100,- per maand. Bij ingebruikname van De Brug hebben de jongeren eenmalig een borg van € 250,- betaald. Verder zijn er de kosten die voor iedere woning gelden, zoals bijvoorbeeld het reinigingsrecht. Daarom betalen de pasjeshouders een bijdrage van € 10,- per maand of € 100,- per jaar. Dit wordt op een speciale rekening gestort.
Als er meer geld binnenkomt dan nodig is voor de kosten, wordt dit gereserveerd. Het beheren van het geld is de taak van de penningmeester. Hij krijgt daarbij steun van de financiële commissie.

De financiële commissie doet verslag in de Huisvergadering en in de Huisraad. Een positief saldo in de kas betekent dat er activiteiten (zoals een barbecue) georganiseerd kunnen worden. Ook wordt dit geld gebruikt voor voorzieningen in De Brug zelf.
Openingstijden
Er zijn geen vaste openingstijden. Deze worden in overleg met de sleutelhouders bepaald, omdat er op dat punt een verschil in behoefte bestaat. Schoolgaande jongeren willen graag andere openingstijden dan bijvoorbeeld een jongere die in ploegendienst werkt.

Toelatingsbeleid
Wie in De Brug toegelaten wil worden, moet minimaal 16 jaar zijn. Bovendien moet je een toegangspas kunnen tonen of als introducé met een pasjeshouder meegekomen zijn. Uiteraard moet je bereid zijn je aan de huisregels te houden.
Huisregels
In De Brug gelden de volgende huisregels:
• geen handel in en gebruik van harddrugs
• geen handel in gestolen goederen
• geen agressie/geweld
• geen toegang beneden de 16 jaar
Als iemand deze huisregels overtreedt, loopt hij of zij, afhankelijk van de ernst van de overtreding, het risico dat het pasje ingenomen wordt.

Schoonmaak
De schoonmaak is een collectieve verantwoordelijkheid. Iedereen die De Brug bezoekt, wordt geacht de boel netjes te houden. Uiteindelijk is het de sleutelhouder die als taak heeft ervoor te zorgen dat de voorziening iedere dag schoon achtergelaten wordt.
Sleutel en sloten
Vanwege het specifieke karakter en doel van deze herplaatsbare unit, was het noodzakelijk extra beveiliging aan te brengen. Met hulp van sponsoring kon de unit worden voorzien van inbraakwerende deuren en hang- en sluitwerk. De sleutels zijn geregistreerd en gemerkt. Als een sleutelhouder de sleutel aan een groepslid geeft, draagt hij ook de verantwoordelijkheid over. Daarom moet de uitgeleende sleutel altijd persoonlijk worden teruggegeven aan de sleutelhouder. Naast de sleutelhouders hebben Stichting Welzijn en de wijkagent een sleutel.
Sponsors
Bij de totstandkoming van deze jongerenvoorziening leverden de volgende sponsors een bijdrage. Het verhaal over De Brug is niet compleet zonder vermelding van hun naam:
Zonder dat de jongeren er om hoefden te vragen, gaven deze zakenmensen aan vertrouwen in hen èn in hun voorziening te hebben. De jongeren zijn blij met deze financiële en vooral ook morele steun. Deze steun heeft ertoe bijgedragen dat dit bijzondere project een succes werd.